Oefenen
Op het opabankje

Oudemannengezeur, pensionadogedachtes en opa-ervaringen.

Oefenen

01 november 2018

'Hoor ik iemand fluiten?'
Wanneer we samen op straat zijn, signaleert kleindochter Elin (3) met een gespecialiseerd gehoor elk vermoeden van een fluitende medemens. Al maakt maar iemand zijn lippen nat, zij heeft het in de gaten. Ook als we thuis zijn en buiten loopt iemand een deuntje te fluiten, spitst ze haar oren, steekt een kleine wijsvinger in de lucht en vraagt mij of het klopt wat ze herkent uit duizenden. En telkens weer probeert ze het dan zelf ook. Maar helaas.
'Het lukt niet', constateert ze, haar schoudertjes in een bedroefd boogje naar beneden.
'Ik probeer en probeer en probeer, want dan oefen ik. Maar het gaat niet.'

Vandaag aan tafel, met een versgesneden appeltje ('doe maar miniminiministukjes, opa'), proberen we het samen nog maar eens. Eerst de richting van de luchtstroom, wat nog knap lastig uitleggen en nadoen blijkt, dan het rondmaken van haar mond. Alles lukt uiteindelijk, maar geluid komt er niet. Met verdrietige ogen kijkt ze hoe haar loze geblaas vervliegt in de lucht en neemt dan maar als troost een stukje van haar appel.

Tegenover haar aan tafel zit haar grote broer Liam (5). Beetje onderuitgezakt in zijn stoel, ook achter een bordje met stukjes appel ('ik wil grote stukken maar zonder schil en geen pit, opa'). Hij liet de oefening zonder veel interesse aan zich voorbij gaan en gebaart nu met twee handen van 'kijk, het zit zo' naar zijn bedroefde zusje.
'Fluiten hoeft nog niet, Elin', zet hij het leven voor haar in perspectief. 'Dat leren we pas in de middenbouw.'
Elin knikt een beetje ongeduldig. Het kindercurriculum is niet waar ze mee zit.
'Ik wil het gewoon zóóó graag', zegt ze. Met een diepe zucht. Zelfs dat uitleggen lukt haar niet.


Voor aankondigingen van nieuwe opastukkies, volg mijn Facebookpagina.